Een BasisBegrip blog met handige basis-weetjes over kinderen

Handige weetjes over “Basis-kinder-dingen”

Ieder kind is anders en heeft z’n eigen kwaliteiten en uitdagingen. Goed kijken naar en kennen van het kind is het belangrijkst om te weten te komen welke benadering het best past.
Maar er zijn een aantal algemene “basis-kinder-dingen” die handig zijn om in het achterhoofd te hebben.

In het moment

Een kind leeft in het moment en vergeet vaak van alles daaromheen. Dus wees niet verbaasd als hij/zij niet meer over de dag op school wil praten als jullie net thuis zijn. Of nu alweer vraagt om een cadeau, terwijl jullie gisteren net 10 keer in de Vliegende Hollander in de Efteling zijn geweest.

Structuur

Opgroeien is een grote aaneenschakeling van nieuwe ervaringen en nog niet eerder meegemaakte momenten. Dan kan het dus best vol worden in het hoofd. Breng daarom een beetje structuur aan in het dagelijks leven zoals de indeling van de week, de dag, de momenten op een dag (eten, naar bed gaan enz) zodat er een bekend ritme (en rust) ontstaat.

Voorspelbaarheid

Voorspelbaarheid vinden veel kinderen prettig. Vertel ze wat er gaat gebeuren, wat ze gaan doen en waarom (dat laatste wel een beetje kort en feitelijk en niet een hele proza, zodat het kind halverwege de draad al kwijt is). En houd je daar zoveel mogelijk aan.

Letterlijk

Kinderen nemen veel dingen letterlijk. Ze kunnen dus niet tussen de regels door lezen of snappen dat je toch iets anders bedoelde of doet dan wat je gezegd hebt. Dus beloofd is beloofd, doe wat je zegt, houd je aan je woord en bedenk je echt goed wat je zegt of gezegd hebt tegen een kind.

Op één lijn

Kinderen snappen nog niet dat iedereen anders is. En ze snappen al helemaal niet dat hun ouders twee verschillende mensen zijn. Ouders doen er heel goed aan om op één lijn te zitten om onbegrip, verwarring en frustratie bij het kind te voorkomen. Of doe net alsof en discussieer er over na Sesamstraat (ik weet het…retro) als het kind in bed ligt.

Even wennen

Een kind moet vaak even wennen of op adem komen in een nieuwe situatie of bij mensen die ze niet dagelijks zien. Dus gun het even tijd. Stuur daar ook familieleden een beetje in als je ziet dat het kind (nog) niet helemaal op zijn/haar gemak is. Zodat ze niet op de verjaardag het arme kind met een hoge stem gaan belagen omdat hij/zij “zoooo groot is geworden”. (En bedenk even of je het zelf prettig zou vinden als klein hummeltje om iedereen te moeten zoenen bij het komen of weggaan)

Geen volwassen zaken

Belast een kind niet met volwassen zaken, emoties, ruzies en gedoe. Daar kan het niets mee, heeft het geen controle op en begrijpt hij/zij niets van. Dus bedenk even bij hetgeen dat je deelt welk doel het heeft, wat het kind er mee kan en of het de antwoorden of handvatten geeft die het kind echt nodig heeft.

Aangeleerd gedrag

Een kind leert wat het aangeleerd krijgt, vanaf het eerste moment dat het aangeleerd wordt. Een kind is nog heel erg blanco, een fundament waar nog een huis op gebouwd worden als het ware. Laten we zeggen dat het type huis staat voor gedrag. Elke ervaring die een kind opdoet is een baksteen, gemetseld in dat huis. Het weet niet beter. Even simpel gezegd: Als jammeren wordt gestopt met een toetje, dan leert een kind dus dat jammeren gebruikt kan worden om iets gedaan te krijgen. Dat bedoelt het kind dan niet vervelend, het is gewoon iets wat hij/zij geleerd heeft.

Radar

Doordat het hoofd van een kind nog niet helemaal vol zit met van alles waar een volwassen hoofd inmiddels wel vol mee zit, staat het veel meer open voor het oppikken van emoties van een ander. Een kind kan enorm goed gevoelens aanvoelen en overnemen, met name die van ouders. Dus als je kalmte uitstraalt dan blijft het kind vaak ook kalm, maar ook vice versa dus.

Centrum van de wereld

Hoe jonger het kind, hoe kleiner het wereldje. Een jong kind is voornamelijk met zichzelf bezig. In het spel, in nastreven wat hij of zij wil, in aandacht vragen. Dat hoort bij de normale ontwikkeling en doet niets af aan dat kinderen heel lief kunnen spelen en delen met anderen. Geleidelijk wordt dat minder en krijgen ze oog voor waarom anderen doen wat ze doen. Tot in de puberteit waarin ze bijna alleen nog maar oog hebben voor wat vrienden belangrijk vinden. Allemaal normaal.

Veiligheid

Als het kind doorheeft dat je hem/haar begrijpt dan geeft dat een veilig gevoel. Een gevoel van veiligheid (letterlijk en figuurlijk) geeft een kind de rust om te groeien (letterlijk en figuurlijk).

Nadoen

Een kind ontdekt en probeert dingen uit o.a. door anderen na te doen. Dat kan ook heel handig werken bij bijvoorbeeld het eten. Vaak als je vraagt of het kind fruit wil, dan is het standaard antwoord reflexmatig “Nee”. Maar als je als ouder in de buurt van het kind zelf een banaan gaat zitten zonder iets te zeggen, dan is het vaak “Dat wil ik ook”.

Wil je graag advies of coaching om dit praktisch toe te passen in de omgang met jouw kind? Of werk je met kinderen en vind je het interessant er meer over te horen? Kijk snel op http://www.basisbegrip.nl en neem even contact op. Groet Sandra

 

potloden

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s